Churchill

n.a.v. Sebastian Haffner, Churchill, Amsterdam 2002

Vóór zijn politieke carrière
Bewonderaar van zijn vader
Church is van kerk en hill is heuvel. Het is zoals het Duitse Kirchberg: een naam die doet denken aan de landadel. Daar behoorden de Churchills dan ook toe. Op 30 november 1874 werd Churchill geboren. Zijn vader Randolph was een bekend politicus voor de conservatieven. Na een teleurstelling verliet hij in 1886 de politiek. Hij werd niet oud; op 45-jarige leeftijd overleed hij aan beroertes. Één vurige bewonderaar behield hij: zijn eigen zoon Winston. De minachting van zijn vader droeg er toe bij dat de toch al sombere jeugd van Winston werd vergiftigd. Dat hij zijn vader nooit had leren kennen, was een jeugdtrauma. Churchill was een romanticus en barokfiguur met sterk aristocratische instincten.

Hekel aan school
Churchill groeide op in een milieu waar voor het familieleven geen plaats was. Kinderen leerden hun ouders pas kennen als ze volwassen waren. Baby’s werden toevertrouwd aan een kinderjuf, die voortaan moeder verving. Vervolgens gingen de kinderen naar het internaat. Dit systeem van opvoeden is vanouds beproefd en faalt zelden. Zijn pressiemiddelen zijn geweldig en geducht, zijn suggestieve kracht bijna onweerstaanbaar. Tegen Latijn had Churchill een aangeboren vooroordeel, waardoor waarschijnlijk zijn hersenen geblokkeerd werden. Het werd een traumatische ervaring voor Churchill. Hij kwam niet verder dan de eerste declinatie: ‘mensa, mensae, mensae, mensam, mensa, mensa’. Wiskunde was aan hem ook niet besteed. Toch kon hij verder gaan studeren, vanwege zijn bekende naam. Alleen in het Engels blonk hij uit. Churchill verhardde zich tegen de school, de schooldwang, het schoolleven en ging innerlijk in staking. Hij verliet de school ongetemd en ongevormd, maar ook onopgevoed en onontwikkeld.

Van nietsnut tot nationale held
Churchill was op zijn 20e nog een hopeloze mislukkeling op school, op zijn 25e sprak heel Engeland over hem! Hij was een nationale held geworden. Deze vijf jaren waren dan ook de gelukkigste van zijn leven. Hij was beroepsofficier, luitenant bij de huzaren. Hij nam deel aan vijf veldtochten: in Cuba, twee in India, in Soedan en in Zuid-Afrika. Doffe ellende had plaatsgemaakt voor enorme ijver. Churchill had affiniteit met oorlog, hij had een diepe, aangeboren inzicht daarin, het krijgsbedrijf fascineerde hem, hij werd er helemaal door in beslag genomen. Hij werd nu plotseling ook geweldig leergierig. Al gauw begon hij te schrijven. Hij ontdekte zijn tweede grote passie: de literatuur.

Churchill begint met schrijven
Al schrijvend kreeg Churchill invloed, begon hij al bijna een beetje macht te proeven. Hij schreef The River War, een mengeling van geschiedenis, autobiografie en ooggetuigenverslag van de gebeurtenissen in de Engels-Egyptisch-Soedanese kolonie. Schrijven had een ander voordeel: het was rendabel; Churchill leefde namelijk op grote voet, en stapelde nogal schulden op. Door te schrijven verdiende hij veel geld. Dit zou zijn leven lang zo blijven.

Begin politieke carrière
Churchill was geen geboren politicus, maar wel een geboren militair en een geboren schrijver. In Engeland was de politiek de enige weg die naar de top leidde, en die wilde hij absoluut bereiken. In 1899 brak in Zuid-Afrika de Boerenoorlog uit. Engeland leed de ene beschamende nederlaag na de andere. Churchill raakte in gevangenschap, maar wist te ontsnappen. Deze spectaculaire redding bracht Engeland nieuwe moed, na alle nederlagen en teleurstellingen. Churchill werd een bekendheid en stelde zich kandidaat voor het Lagerhuis (onder: het interieur van het Lagerhuis of House of Commons). Hij werd gekozen. Dit was het begin van een lange politieke carrière: minister van Economische Zaken, Binnenlandse Zaken, Marine, Bewapening, Oorlog, Koloniën, Financiën en opnieuw Marine om vervolgens af te sluiten met het premierschap in de Tweede Wereldoorlog. Churchill trouwde laat, op zijn 33e, en dit huwelijk, dat het begin was van een voorbeeldige, levenslange verbintenis, is dikwijls als een huwelijk uit liefde betiteld.

Vóór zijn premierschap
Overstap naar de liberalen
Churchill was een bijzondere persoonlijkheid. Dat bleek wel uit het feit dat hij van partij veranderde. In een land waar twee partijen zo onverzettelijk als vijandelijke kampen tegenover elkaar staan, is van partij veranderen iets als desertie. In de Engelse geschiedenis is er geen voorbeeld bekend van iemand die er goed afkwam na van partij te zijn veranderd, behalve Churchill. Hij deed het niet één keer, maar tweemaal! In 1901 begon hij als conservatief in het Lagerhuis. In 1904 stapte hij over naar de liberalen. Churchill had de vaste overtuiging dat hij evenals zijn vader jong zou sterven. Daarom was er een aanhoudende rusteloosheid, gespannen verwachting en stond hij voortdurend te trappelen van ongeduld. Churchill was niet religieus; maar zoals de meeste agnostici was hij enigszins fatalistisch, bijgelovig. Hij was dus bang jong te sterven. Churchill schreef in deze jaren de biografie van zijn vader. Omdat Churchill dacht nog weinig jaren te leven te hebben, wilde hij zijn jaren niet slijten in de oppositiebanken van de conservatieven. Daarom stapte hij over naar de liberalen, om een belangrijke post te bemachtigen. In 1906 kwamen de liberalen na een verkiezingsoverwinning aan de macht. Churchill werd staatssecretaris van Koloniën, twee jaar later minister van Economische Zaken en vervolgens van Binnenlandse Zaken. Churchill schoof op naar uiterst links. Hij wilde een politiek van sociale revolutie. ‘Hij is helemaal vol van de armen – hij heeft ze net ontdekt. Hij denkt dat hij er door de Voorzienigheid toe is voorbestemd om iets voor hen te doen.’ In 1908 verloor hij echter bij tussentijdse verkiezingen zijn zetel, maar vond onmiddellijk hierna een ander kiesdistrict dat hem wel koos.

Roeping
Op een septemberavond in 1911, op het landgoed van de premier, waar hem zijn benoeming tot minister van Marine was medegedeeld, had hij bijgelovig een Bijbel opengeslagen, die daar op zijn nachtkastje lag. Wat hij gelezen had, was Deut. 9:1-3. Churchill geloofde niet wat er in de Bijbel stond, maar deze uitspraak geloofde hij.

‘Hear, O Israel: Thou art to pass over Jordan this day, to go in to possess nations greater and mightier than thyself, cities great and fenced up to heaven, a people great and tall, the children of the Anakims, whom thou knowest, and of whom thou hast heard say, Who can stand before the children of Anak! Understand therefore this day, that the LORD thy God is he which goeth over before thee; as a consuming fire he shall destroy them, and he shall bring them down before thy face: so shalt thou drive them out, and destroy them quickly, as the LORD hath said unto thee.’

Een vooruitziende blik
Eenmaal minister van Marine was er weinig meer over van zijn bewogenheid met de armen. Churchill presenteerde de meest exorbitante begrotingen van de marine uit de financiële geschiedenis van Engeland. Besturen lag Churchill in wezen veel meer dan politiek. Daarom was hij hier op zijn plek. Heersen, bevelen, regelen, regeren lagen hem veel meer dan manoeuvreren, combineren en intrigeren. Churchill, 37 jaar, was in zijn element als nooit tevoren. Bij alles wat hij bij het departement van Marine ondernam, had Churchill al de Duitse vloot en de grote oorlog tegen Duitsland voor ogen, die naar zijn stellige overtuiging onvermijdelijk zou komen. Churchill had trouwens niets tegen Duitsland en de Duitsers op zich. Toen de oorlog in 1914 uitbrak, was dat voor Churchill geen schok.

Dieptepunt
Niet Churchill, maar Lloyd George (links) werd de man die de oorlog won (Churchill leek veel op Lloyd George; hoewel Churchill een Engelse aristocraat was en Lloyd George een Keltisch proletarisch, bedreven beiden politiek met een hartstocht en een persoonlijke, totale inzet; beiden waren mateloos ambitieus). Churchills militaire carrière raakte in een vrije val. In mei 1915 was Churchill politiek gesproken een gebroken man. Churchill, die het in zich had om voortdurend voor ophef te zorgen, schaadde door die eigenschap zijn reputatie. Men vond dat hij zich gedroeg alsof hij de wijsheid in pacht had. De conservatieven waren zo verbolgen over het verraad van Churchill, dat hij overgestapt was naar de liberalen, dat ze in een coalitie met de liberalen Churchill niet in het kabinet wilden hebben. Zo werd hij in mei 1915 ten val gebracht. Churchill hield zich die zomer staande door de gaan schilderen. ‘Ik wist alles, maar ik kon niets doen.’ Churchill had wel het inzicht maar niet de bevoegdheid om het bevel te voeren. Het was trouwens opvallend dat de geallieerde overwinning in 1918 precies langs de weg werd bereikt die Churchill had voorzien: de tank.

Communisme als reden om weer conservatief te worden
Churchill stond niet lang buitenspel. Na twee jaar staat hij op als…leidend conservatief! Hij wordt minister van Financiën. De conservatieven heetten hem welkom omdat het volgens hen minder kwaad kon om deze dynamische en gevaarlijke, niet kapot te krijgen man aan hun zijde te hebben dan tegenover zich. Churchill was weer in het centrum van de macht. Zijn dadendrang was onbevredigd en hij vond zijn leven lang de gedachte om in machteloze, passieve oppositie te verkommeren afgrijselijk. Hij vond het zijn goed recht om met alle winden mee te waaien; als hij maar macht kon uitoefenen, daar ging het bij hem om! Een gebeurtenis die zijn mening had veranderd, was de communistische revolutie in Rusland. Het anti-bolsjewistische complex, dat in 1918 op Churchill beslag legde, hield hem tientallen jaren lang in zijn greep. Wat Churchill in de jaren rond 1920 over de bolsjewieken zei, klonk precies als de latere vreselijke, striemend-geselende woorden die hij Hitler en Mussolini als met een zweepslag recht in hun gezicht toevoegde. In Engelse oren klonken zijn woorden ongezond, overdreven, opgewonden en enigszins hysterisch. Zijn reactie op het communisme leek sterk op die van de fascisten. In feite was Churchill ook en fascist in de jaren 20. Alleen zijn nationaliteit voorkwam dat hij het ook werkelijk werd!

Uitgerangeerd, maar actief
De Engelse conservatieven wilden verzoening, aanpassing, rust. Het oude partijenstelsel bleef behouden, behalve dat de nieuwe partij Labour de rol van de oude liberalen overnam. Churchill werd minister van Financiën, een post waar hij niet veel kwaad kon, maar waar hij helemaal niet paste. Deze periode bracht dan ook weinig roem. Zijn vijfdelige werk The World Crisis kon hij in deze jaren dan ook afmaken. Churchill werd in 1931 geen plek in de regering meer aangeboden. Hij werd parlementslid. Churchill was altijd geneigd om buiten zijn boekje te gaan en zich met alles te bemoeien. Hij leidde een uiterst productief en succesvol leven als journalist en schrijver. Hij werd in deze jaren columnist; wekelijks schreef hij over de wereldpolitiek, wat goed betaald werd. In de tien jaar dat hij buitenspel stond, was hij een uiterst actief, maar uitgerangeerd, mislukt politicus. De rampspoed aan zien komen was erg genoeg voor hem; maar de rampspoed niet mogen afwenden, passief moeten blijven, dat was toch wel het ergst. En in deze positie zat hij nu.

Ergeren aan Chamberlain
Churchill werd de grote voorvechter van de Engelse bewapening; hij waarschuwde tegen de Duitse bewapening. Toch werd hij steeds in het parlement weggesist en uitgejouwd. Hij was een absoluut buitenstaander in Engeland geworden. Baldwin trok zich na 15 jaar terug, Neville Chamberlain (boven)werd de nieuwe premier. Baldwin had de volle confrontatie met Hitler eerder gemeden dan gezocht. Chamberlain zocht die bijna direct. Toch vervloekte Churchill Chamberlains politiek drie jaar lang hartgrondig en zag er niets anders dan dwaasheid, zwakte, schande en ondergang in. Churchill, wiens toenmalige woorden nu profetisch lijken, werd volledig genegeerd terwijl Chamberlain in korte tijd een geweldige reputatie genoot van realistisch-spijkerharde vredestichter. Hitler was volgens Churchill niet alleen een man die welwillendheid automatisch opvatte als zwakte en lafheid, maar die om een aframmeling vroeg. Hitler was ook geen staatsman; hij dacht niet in staten, maar in rassen. Churchill begreep dat Hitler oorlog wilde en dat welwillendheid hem prikkelde tot het uitdelen van trappen. Hitler was geen normale staatsman: dat had Churchill al vroeg door.

Terug aan de macht dankzij Hitler
Zoals bekend, begrijpt de mens alleen dat wat hijzelf een beetje in zich heeft! Zonder Churchill had Hitler gezegevierd en zonder Hitler was Churchill een briljante mislukking geweest. De twee mannen hebben elkaar nooit in levende lijve ontmoet. Pas in de loop van het jaar 1939 steeg de ster van Churchill plotseling weer. Op 3 september verklaarde Engeland Duitsland de oorlog. Diezelfde dag riep Chamberlain Churchill terug in de regering. Hij mocht minister van Marine worden. Het werd een opstapje tot het premierschap.

Churchill als oorlogspremier
Door valse start oorlog premier
Het eerste wat Churchill deed was de vloot in Scapa Flow bezoeken; zij was gereduceerd en ontwapend. Dit had Churchill al die jaren lijdzaam moeten aanzien. Churchill was niet zo succesvol aan het begin van de oorlog. Hij had zijn oog laten vallen op Noorwegen als strategisch heel belangrijk om de Duitse staal- en wapenproductie aan de wortel lam te leggen. Hij werd echter afgeremd door de maandenlange debatten die zo lang duurden dat de hele operatie haar strategische zin had verloren. Hij had willen beslissen en bevelen, maar hij moest discussiëren, argumenteren en compromissen sluiten. Het resultaat was dat Noorwegen 1940 een nog snellere, grotere en beschamende nederlaag werd dan de Dardanellen in 1915. Churchill, minister van Marine, was de enige die de politieke afrekening als gevolg van deze campagne overleefde; hij werd benoemd tot premier!

Juiste man, plaats, moment
Op 10 mei begon het grote Duitse offensief aan het westelijke front. Op dezelfde dag trad Chamberlain terug en werd Churchill premier. Wat Engeland nu allereerst nodig had, was een militair. En dat was Churchill; hij hield van oorlog. Als men hem zijn gang had laten gaan, was hij al veel eerder een oorlog tegen Duitsland begonnen. Juist omdat hij een militair was hadden ze hem nooit aan het roer gelaten. Nu hadden ze precies zo iemand nodig, nu was hij de juiste man op de juiste plaats op het juiste moment! Zonder de Churchill uit de jaren 1940 en 1941 is het beslist voorstelbaar dat er nu een (opvolger van) Hitler over een Groot-Germaanse SS-staat zou resideren, reikend van de Atlantische oceaan tot aan de Oeral of nog verder. Churchill zegt over Hitler: ‘Dit slechte wezen, deze personificatie van de haat, dit broeinest van psychische kanker, dit misbaksel van nijd en schande; met het zwaard van het recht in de hand zullen wij hem onafgebroken op de hielen zitten.’ Waar Churchill door gedreven werd was niet anti-fascisme of persoonlijke haat, ook geen patriottisme, maar het was…eerzucht! Men mag naast de staatsman Churchill de demon Churchill niet over het hoofd zien.

Chamberlain: tragisch
Chamberlain: een tragische man. Toen het kabinet onder zijn leiding besloten had om het land voor te bereiden op een oorlog van tenminste 3 jaar, had hij zijn hoofd op tafel gelegd, en toen hij het weer ophief was zijn gezicht lijkbleek. De gedachte aan drie jaar oorlog was voor hem onverdraaglijk. Hij maakte zijn antipode en tegenpool Churchill tot zijn opvolger en zichzelf tot Churchills trouwste schildknaap. Op 16 juni zakte hij plotseling in elkaar met hevige krampen; een maand later werd een tumor geconstateerd; hij bleef nog drie maanden aan als minister onder Churchill en liet niets merken. Op 9 november stierf hij. In één woord: tragisch!

Churchill hoopt op Amerika
Churchill wist dat Engeland alleen Duitsland nooit kon verslaan. Daarvoor waren giganten als Amerika en Rusland nodig. Churchill zegt in zijn beroemde toespraak voor het parlement: ‘Ik geloof er geen moment aan, maar als het zover moet komen dat dit eiland geknecht is en verhongert, dan zullen ons imperium en onze vloot strijden, net zo lang tot de tijd gekomen is en de Nieuwe Wereld (=Amerika) gewapend opstaat voor de bevrijding van de Oude.’ Engeland werd binnen een halfjaar omgetoverd in een tot de tanden toe bewapende vesting; dit kwam door de meedogenloos ingevoerde industriële mobilisering. Wel was Engeland zo bankroet. Belangrijk waren de besprekingen met de Amerikaanse president Roosevelt. Bij deze gesprekken liet Churchill het parlement links liggen, waardoor er een Engels-Amerikaanse alliantie gesmeed kon worden. Zelfs de minister van Buitenlandse Zaken werd er buiten gelaten! Deze uitschakeling van de appeasement-politiek, en daarmee de preventieve uitschakeling van alle mogelijkheden voor een vrede gebaseerd op een compromis, wist Churchill met een voor hem ongebruikelijk groot politiek vakmanschap en elegantie te realiseren.

Zelfbenoeming tot minister van Defensie
Churchill deed een tactische zet door zichzelf te benoemen tot minster van Defensie. Hij maakte zichzelf dus militair opperbevelhebber en allerhoogste chef van de generale staf. De premier Churchill schermde zo de opperbevelhebber Churchill af tegen iedere politieke poging tot verstoring. Churchill versleet vele generaals in de loop van de oorlog. Generaal Montgomery met zijn bijzondere talent had Churchill hard nodig; hij werd in de laatste oorlogsjaren veel populairder dan Churchill ooit geweest was. Hij zrogde voor het opvijzelen van het moreel van het Engelse leger. Dat Engeland bankroet was, wist Churchill om te smeden tot een wapen: nu kon Amerika er niet meer onderuit kosteloos door te blijven leveren en daarmee Engelands zaak tot de zijne te maken. Met het wapen van de bankroet had Churchill Amerika definitief in de tang.

Pearl Harbor als feestdag
Churchills opgave was moeilijk: enerzijds moest hij Roosevelt ervan overtuigen dat Engeland absoluut niet verloren was; anderzijds moest hij hem er echter ook weer van overtuigen dat hulp dringend geboden was, wilde Engeland niet bezwijken. De overwinning van de Slag om Engeland becommentarieerde Churchill in de legendarische woorden ‘In geen enkele oorlog hebben ooit zovelen zoveel aan zo weinigen te danken gehad.’ Pearl Harbor en Hitlers oorlogsverklaring aan Amerika verlosten Churchill van een wekenlange marteling. Er zijn verschillende verhalen die Churchills reactie op dit nieuws beschrijven. Vermoedelijk heeft hij die avond feest gevierd en stevig gedronken.

Churchill houdt al rekening met een naoorlogs Rusland
De uiteindelijke overwinning op Hitler in mei 1945 smaakte Churchill bitter; zij bezegelde tegelijkertijd zíjn nederlaag tegen Stalin en Roosevelt. Bovendien werd hij in juli 1945 weggestemd en van zijn macht beroofd! De conservatieven verloren de verkiezingen. Churchill was nu zeventig jaar, en dit leek het einde. Churchill had niet alleen Hitler willen vernietigen, maar ook Stalin uitschakelen en Roosevelt voor zijn karretje spanen, en wel zo stevig dat Amerika zich nooit meer van Engeland los kon maken. Daarvoor moest het verloop van de oorlog zo zijn dat Rusland fysiek buiten Europa werd gehouden; en daartoe moest Oost-Europa en niet West-Europa het doelwit zijn van het grote Anglo-Amerikaanse offensief. Zo zouden de Engelsen en Amerikanen de macht over Europa krijgen en de Russen binnen de eigen grenzen blijven. Churchill verwachtte zo de toon te kunnen blijven zetten op Europa.

Teheran als teleurstelling en keerpunt
Op de topconferentie in Teheran, eind november 1943, sloot Roosevelt met Stalin een verbond tégen Churchill. En voor Churchill zat er niets anders op dan tandenknarsend toe te geven en zijn strategisch-politieke ideeën aan de sloophamer prijs te geven. Dit alles betekende dat Rusland niet afgegrendeld werd van Europa, maar dat Oost en West elkaar in Midden-Europa zouden ontmoeten, met alle gevolgen van dien. Het naoorlogse Europa zou verdeeld zijn tussen communistisch en democratisch. En dat alles door het samenspannen van Roosevelt met Stalin. Echter, Churchill overschatte zijn luchtmacht én onderschatte Rusland. Ondanks zijn enorme welbespraaktheid miste Churchill zijn leven lang de gave waarin Loyd Georges grootste kracht had gelegen: namelijk verleidelijke overredingskracht, iemand kunnen ‘ompraten’, waarvoor het vermogen en de wil om zich in een ander te verplaatsen, om in de huid van een ander te kruipen vereist is. Teheran was voor Churchill het keerpunt in de oorlog en daarnaast een keerpunt in zijn leven. Plotseling, nog tijdens de conferentie, werd hij een oudere, en enkele uren lang bijna een oude man: lang van stof, ongeconcentreerd, afwezig. Tijdens de pauzes van de conferentie sprak hij pessimistisch over een toekomstige oorlog die men zich nu op de hals haalde: de oorlog met Rusland! ‘Dat zal een nog vreselijker oorlog worden dan deze. Maar ik zal er niet meer zijn. Ik zal slapen. Miljoenen jaren zal ik slapen.’ Churchill wilde wat Stalin en Roosevelt absoluut níet wilden: herstel van een conservatief Europa. Churchill wilde werken aan een verenigd Europa.

Gevangene van de overwinning
Na Teheran krijgt Churchills gedrag iets onsamenhangends, onberekenbaars, iets onvoorspelbaars. Hij werd prikkelbaarder, onbeheerster, ouder en kwader. Zijn twistzieke en schreeuwerige kant kwamen naar voren. Begin 1944 was hij helemaal in beslag genomen door de voorbereidingen voor de grote invasie, hij onthield alle details, en was slechts met grote moeite ervan te weerhouden om zelf met de eerste troepen in Frankrijk te landen. De koning moest dreigen dat hij ook mee zou gaan als Churchill zou gaan. Churchill klampte zich vast aan de overwinning, waarvan hij de gevangene was geworden. Er restte hem niets anders meer. De politiek van Churchill in de laatste negen maanden van de oorlog is een aaneenschakeling van improvisaties, een rusteloos komen en gaan. Churchill heeft in de zomer van 1945 overwogen om een voortzetting van de oorlog: tegen Rusland! In Amerika kreeg men steeds meer door dat Rusland een gevaar kon worden. Wat op til was, was geen oorlog, maar zinloos geruzie, dat wat men later de Koude Oorlog noemde.

Laatste jaren
Opnieuw premier
Toen Churchill weggestemd werd, zei zijn vrouw: ‘Misschien is het een verkapte zegen.’ Waarop hij zei: ‘Dan wel buitengewoon goed verpakt, moet ik zeggen.’ Engelse en Amerikaanse steden en universiteiten vochten erom hem tot ereburger en eredoctor te maken. Zelfs werd hij, op zijn oude dag, een schatrijk man zonder dat hij er iets voor hoefde te doen: al zijn boeken waren opeens internationale bestsellers geworden. Churchill was nog steeds dezelfde man: rust was voor hem nog altijd een hel; moeten toekijken onverdraaglijk. Vanaf 1946 werkte hij daarom aan een comeback. De hem geboden titel van hertog aanvaardde hij niet. Hij bleef in het Lagerhuis. Tussen de bedrijven door schreef hij een zesdelig werk over de Tweede Wereldoorlog. Na de verkiezingen van oktober 1951 werd hij inderdaad nog één keer premier. Maar de gezichten van jongere en nieuwere parlementsleden en zelfs van ministers kon hij niet meer zo goed onthouden. Hij was een hartstochtelijk lezer van romans geworden. Inmiddels beschikte Rusland over een atoombom. In 1953 stierf Stalin. Churchill hield een verrassende rede; volgens hem was de Koude Oorlog bijna voorbij. Hij stelde voor een topconferentie te houden.

Nog één keer opgericht
In 1949 was hij getroffen door een eerste lichte beroerte, jaren later nog een. Churchill, nog steeds premier, lag halfzijdig verlamd en niet in staat tot spreken, hulpeloos in zijn landhuis in Chartwell. Zijn collega’s verwachtten dat hij binnen afzienbare tijd zou aftreden; zijn artsen hielden rekening met een spoedige dood. Zij hielden echter geen rekening met het feit dat hij een taaie was. Ondertussen waren er steeds kwellende gedachten over het feit dat, terwijl hij daar hulpeloos lag, alles fout werd gedaan. Soms brak hij in tranen uit. Eerst in de rolstoel, later met een stok, krabbelde hij langzaam op. Hij kon zijn ambt weer gaan uitoefenen. Churchill leed aan buien van zwaarmoedigheid; zijn vader had het ook gehad. Hij noemde het de ‘zwarte hond’. Op 5 april 1955 trad hij af. De grote kranten waren net in staking, dus afscheidsartikelen waren er niet. Voor het eerst in zijn leven zorgde Churchill niet voor vette koppen in de krant. Ditmaal werd hij niet ten val gebracht, maar werd hij met lof overladen, met grote waardigheid, uit eigen beweging ging hij. Het was de eerste keer dat hij op zo’n manier kon afscheid nemen van zijn ambt. Hij leefde daarna toch nog bijna tien jaar.

Overlijden
Nog tweemaal, in 1955 en 1959, liet hij zich in het Lagerhuis kiezen, en in de eerste jaren nam hij er nog dikwijls zijn oude plaats in: een hoekplaats aan het einde van het middenpad, die traditioneel bestemd is voor prominente outsiders en rebelse partijleden. Maar hij deed zijn mond niet meer open. Hij werd geleidelijk aan volkomen doof, kreeg allerlei ouderdomskwalen en werd getroffen door verschillende beroerten. Zijn bedienden (hij had altijd mannelijk personeel gehad) werden geleidelijk aan zijn verplegers. Zijn nutteloos geworden leven werd hem tot last; maar hij kon niet sterven. In 1962 maakte hij op 88-jarige leeftijd een ongelukkige val en brak zijn dijbeen; op deze leeftijd komt men zoiets niet meer te boven; alle krantenredacties hadden hun in memoriams al klaarliggen. Maar hij leefde nog voort. Hij stierf uiteindelijk op 24 januari 1965, op 91-jarige leeftijd. De laatste woorden van hem waren ‘Het is allemaal zo vervelend’. Engeland gaf hem een heel bijzondere begrafenis. Bijna leek het alsof er niet een mens ten grave werd gedragen maar de Engelse geschiedenis zelf. Men had hem graag in de Westminster Abbey bijgezet, maar dat had hij verboden. Op een gewone Engelse dorpsbegraafplaats, in het dorp Bladon in Oxfordshire, werd hij begraven (boven: de begrafenis), overeenkomstig zijn wil, bij zijn vader. Twee uitspraken van Churchill: ‘Politiek is bijna zo opwindend als oorlog, en net zo gevaarlijk.’ ‘In de oorlog kan men maar één keer worden afgemaakt, in de politiek steeds opnieuw.’

Gepubliceerd in maart 2007

Advertenties